Meet Leonie: Programma en Productie Specialist

‘De muziekscene kan best een doolhof zijn voor beginnende makers'
Tot de recente verkiezingen zat Leonie Gerritsen (39), programmeur en productiespecialist bij Popradar, in de Haagse gemeenteraad voor de Partij voor de Dieren en was ze prominent cultuurwoordvoerder. Na acht jaar in de politiek begon ze bij Popradar met het coördineren van vrijwilligersactiviteiten, horeca en programma, totdat ze aan de slag ging in haar huidige functie waarbij ze haar politieke en beleidservaring ook inhoudelijk inzet voor het belang van de Haagse popscene.
Niet alleen haar werk is anders nu: ze is geïnspireerd door haar werk bij Popradar begonnen met drummen. Leonie groeide op in een muzikale omgeving - haar vader en broer zijn muzikant en thuis werd er altijd gitaar gespeeld. Afgelopen jaar kocht ze een drumstel, ging op drumles in Haags Pop Centrum én is ze bezig een punkband te vormen. Ook startte ze een maandelijks initiatief voor queer artiesten en muzikanten in het HPC café. Inmiddels is ‘Queer Sundays’ gegroeid en verhuisd naar de Grey Space in the Middle.
Een jaar geleden verruilde je de politiek voor Popradar. Wat was daarbij je ambitie?
‘Ik kende vooral de locatie in Loosduinen; de oefenruimtes en de bandjes. Toen ik ontdekte dat Popradar veel meer doet op het gebied van programma, netwerken, subsidieregelingen en kennisdeling, prikkelde dat mijn ambitie. Ik zag een enorme potentie in alle opgebouwde kennis bij Popradar en wilde helpen nadenken hoe dat meer onder de aandacht te brengen. Ik loop zelf ruim 20 jaar rond op alle plekken waar muziek is en heb me ook als raadslid goed verdiept in wat er speelt en waar in de stad op muziekgebied behoefte aan is.’
Wat betekent Popradar voor de Haagse muziekscene?
‘De muziekscene kan best een doolhof zijn voor beginnende makers en Popradar wil dat muzikanten hun tijd vooral aan het maken van muziek besteden - en niet met uitvogelen hoe alles werkt. We wijzen hen de weg met aanvragen schrijven, contacten leggen met professionals in de scene en koppelen artiesten en muziekprofessionals aan elkaar. We zorgen met programma’s zoals Popradar Academy, De Haagse Popweek en het Haags Overleg Popmuziek (HOP) dat de Haagse scene goed op elkaar blijft aansluiten. En we inventariseren waar behoefte aan is, waar een gat ligt, en zetten ons netwerk in om daar wat aan te doen.’
Je begon een jaar terug bij Popradar als programmeur van het café. Dit seizoen laten jullie pand en café achter - hoe verandert dat jouw rol?
‘Ik zal nog wel programmeren maar op een andere manier en op andere plekken. Meer in het centrum en als aanjager van showcase-avonden die een locatie zelf kan overnemen. Ik blijf Queer Sundays organiseren in The Grey Space maar doe dat nu op persoonlijke titel omdat Popradar als tweedelijnsinstelling geen artistiek programma maakt. We focussen ons op onze rol als hét expertisecentrum waar iedereen in Den Haag die iets met popmuziek wil, kan aankloppen. Voor mij persoonlijk is Queer Sundays een liefdesproject waar zoveel mensen op afkwamen die iets wilden delen via de open mic en op zoek waren naar een muzikale community waar ze bij horen. Er kwamen mensen met hun instrument in hun hand langs die nu een bandje vormen en door Europa toeren.’
Wat mist Den Haag het meest op popgebied - en wat kunnen jullie hierbij betekenen?
‘Het aantal speelplekken is sterk verminderd en dat is een groot gemis. De cultuursector in het algemeen krijgt steeds minder geld van de overheid waardoor er minder ruimte voor het programmeren van bandjes waarvan je weet dat ze je niet zoveel op gaan leveren. Ik mis plekken waar je bands kunt zien die voor het eerst spelen, of in een nieuwe formatie, of met nieuw materiaal. We willen met onze evenementen en programma’s zorgen dat er meer ruimte is voor dat soort showcases.’
Wat kunnen Haagse muzikanten komend seizoen van Popradar verwachten?
‘Veel artiesten hebben zich al kunnen ontwikkelen door onze 1-op-1-adviesgesprekken over Music Support en subsidieregelingen, of kunnen meedoen aan de Popronde en De Haagse Popweek, open podia en demo pitches. In januari 2027 starten we met nieuwe regelingen waarmee we meer muzikanten op maat kunnen ondersteunen. We zijn de aanjagers achter de nieuwe Haagse Popnota die in 2027 moet komen en waarin we de belangen van de popscene helpen vertalen. En muzikanten kunnen bij ons terecht voor advies en praktische tips: schrijf die en die aan, deze regeling gaat bijna open, denk eraan dat je dit in je bericht vermeldt. Doordat we gegroeid zijn als programmateam kunnen we komend seizoen op veel meer plekken zijn en daar 1-op-1 met muzikanten praten over hoe we ze kunnen helpen.’
Waarin vind je Den Haag heel eigen en inspirerend op popgebied?
‘Ik vind het leuk dat er veel diversiteit is en dat de muzikanten elkaar vaak wel kennen en best veel samenwerken. Het is heel normaal dat muzikanten uit verschillende genres met elkaar een nummer of optreden doen. Er is écht een scene-gevoel. Een trots op Haags zijn. Er zijn veel nummers over de stad,’
Als mensen over 25 jaar nostalgisch terugblikken: ‘Ah, Popradar! Dat was…’ Hoe hoop je dan dat ze de zin afmaken?
‘…waar het voor mij allemaal begon. Dat we het eerste zetje hebben kunnen geven aan mensen die van muziek meer dan hobby willen maken en we ze ook blijvend hebben kunnen helpen en begeleiden. Dat mensen door ons beginnen met oefenen, spelen, doorgroeien en dan uiteindelijk weer terugkeren in het panel van Popradar Academy om hun kennis weer te delen met de jongere generatie.’
Wat is het tofste Haagse optreden dat je afgelopen jaar zag?
‘Ik heb weer heel erg genoten van Sniester, daar kijk ik ieder jaar naar uit. Sniester is cool, geweldig geprogrammeerd en Den Haag op zijn allerleukst. Dat gevoel dat heel de binnenstad erbij is betrokken en er overal muziek is, daar word ik heel gelukkig van.’